Verhalen van Vestigia – maart, april en mei
Wat was het druk de afgelopen maanden. De maanden maart, april en mei stonden bij Vestigia in het teken van afronden, doorpakken en vooruitkijken. Zo hebben we in april nieuwe stagiaires verwelkomt. Altijd een mooi moment, frisse energie, nieuwe gezichten en een kans om het vak weer van dichtbij over te dragen. We pakken even uit met een groter overzicht van wat we in het veld en op kantoor allemaal hebben uitgevoerd.
Veldwerk
Proefsleuf/Doorstart Onderzoek KIJK

Detail foto van de bestrating met mogelijk resten van een drempel / stoep
Binnen de wereld van dijkversterkingen, lange en complexe trajecten waarin archeologie een vaste rol speelt, is KIJK één van de projecten waar Vestigia momenteel bij betrokken is. KIJK staat voor de gemeenten Krimpen aan de IJssel en Krimpenerwaard waar de dijkversterking wordt uitgevoerd. In totaal gaan we in dit project 12 locaties onderzoeken. In eerste instantie gaat het om een proefsleuvenonderzoek – variant archeologische begeleiding, waarbij het onderzoek zich beperkt tot de geplande ontgraving van de werkzaamheden. Als we dan sporen aantreffen volgt gelijk een doorstart naar een definitieve opgraving tot de contouren van het te verstoren gebied.
Wat op de eerste locatie begon als een proefsleuvenonderzoek groeide al snel uit tot een volwaardige opgraving. En dat was niet zonder reden. Al bij de eerste trekken van de bak kwamen muurstructuren tevoorschijn. Niet zomaar losse resten, maar duidelijke funderingen van een gebouw, opgebouwd uit IJsselsteentjes en op sommige plekken tot wel tien steenlagen diep gefundeerd. Daarbij werd ook bestrating aangetroffen, inclusief wat mogelijk een stoepje is geweest. Het zijn van die momenten waarop een plek ineens tot leven komt.
Tegelijkertijd bracht het werk de nodige uitdagingen met zich mee. De locatie ligt onderaan een dijk, wat betekende dat de kraan telkens het talud op en af moest. In natte omstandigheden bleef dat spannend om uit te voeren en om te zien.
Op de tweede locatie, ca. 800 m verderop, is enkel een puinlaag aangetroffen binnen de ontgravingsdiepte, maar zonder duidelijke sporen van bebouwing. Het onderzoek beperkte zich hier tot de aanleg van een proefsleuf. Een goed voorbeeld van hoe resultaten per locatie sterk kunnen verschillen, zelfs binnen één project.

Rachel en Carlijn in het voorjaarszonnetje bij Wateringen-Noord
Proefsleuf onderzoek Wateringen-Noord (meerdere fasen)
In Wateringen-Noord zijn de werkzaamheden voortgezet die in juni 2025 zijn gestart. Al was het maart, was het alsnog zonnebrand-weer. Lekker zonnig dus. We kwamen terug om een werkput uit te breiden waar in de vorige campagne een aangepunte houten paal in de klei-veenlaag was gevonden. Helaas zijn geen nieuwe sporen aangetroffen. Soms is het antwoord simpelweg dat hier het verhaal voor nu eindigt. Maar is dit wel zo? In het zuidelijke deel is de aansluiting gevonden bij een opgraving uit de jaren ’90, waar een huisplaats uit de Romeinse periode gedocumenteerd is. Bij het huidige proefsleuven onderzoek hebben we deze huisplaats nu ook aan de oostelijke zijde kunnen begrenzen. Ongeveer 100 m verderop troffen aan de rand van het onderzoeksgebied nog een tweede erf aan. Deze zit nog voor het grootste deel onder de kassen en zal op een later moment nog opgegraven gaan worden. Daarnaast maakte de grootschalige proefsleuvencampagne het mogelijk om de Romeinse verkaveling rond de boerenerven over een heel groot oppervlak in kaart te brengen. De uitwerking volgt nog, maar hoe ogenschijnlijk lege proefsleuven toch een mooi verhaal kunnen vertellen is de winst van dit project.
Mooie projecten en leuke vondsten
Toevalsvondsten
Dat je als archeoloog niet bang moet zijn voor viezigheid is wel bekend, maar soms kom je ergens waar je toch niet helemaal op voorbereid kan zijn. Bij rioleringswerkzaamheden in Maassluis moest een van ons het riool in om een gewelf te documenteren (zie de ingang in de uitgelichte afbeelding boven aan de pagina). Dat waarvan je niet wist dat je op je bucketlist had staan, kan je dan toch ineens afvinken.
Het gewelf is een imposant bouwwerk dat vol lag met vondsten.
Na een afdaling in het riool om van binnen het gewelf vast te leggen en het verzamelen van nog wat stukken representatief aardewerk, werd uiteindelijk ook de bovenzijde van het riool vrij gegraven en kon ook de bovenzijde gedocumenteerd worden. Nog mooier, na de documentatie is het gewelf gesloopt om een nieuwe rioolbuis aan te kunnen leggen. Daardoor werden de verbanden en de opbouw van het gewelf nog duidelijker.
Conserveringsnieuws
IJzeren dissel

IJzeren dissel
In het centrum van Oud Karspel is een gecorrodeerde ijzeren dissel gevonden, samen met onder meer potscherven. Het aardewerk dateert uit de late 16de tot 17de eeuw, wat waarschijnlijk ook de datering van de dissel is. Mogelijk is het object zelfs nog iets ouder. In het depot van Bodemvondsten in Rotterdam is een gelijk model aanwezig welke dateert vanaf 1400.
Munt- en metaalvondsten Metterswane

Een prachtige zilveren Franse 1 douzain uit 1593.
Tijdens het uitgraven van een grote bouwkuip voor een verdiepte parkeergarage nabij het centraal station van Nijmegen werd een groot aantal munten aangetroffen. De munten zijn aangetroffen samen met een grote hoeveelheid andere metalen objecten in de vestinggracht behorend bij de historische (17e-eeuwse) stadsverdediging. Een groot deel van de munten is direct na het veldwerk geselecteerd voor conservering. Tijdens het conserveringsproces werd al snel duidelijk dat zich onder de vondsten opvallend veel zilveren munten bevonden. Na reiniging en conservering konden veel exemplaren worden gedetermineerd, terwijl een kleiner deel momenteel nog onderzocht wordt door muntspecialisten. Een van de mooiste exemplaren is een prachtige zilveren Franse 1 douzain uit 1593 met klop .

Resultaat van röntgenonderzoek, een ijzeren gesp.
Tijdens het conserveringsproces zijn verschillende onherkenbare ijzerconcretie geselecteerd voor röntgenonderzoek. Op de röntgenopnamen werd al snel duidelijk dat een groot deel van het ijzer zich in slechte conditie bevindt. Toch konden bij enkele objecten nog duidelijke vormen worden herkend. Zo werd onder meer een ovale ijzeren gesp zonder middenstijl vastgesteld, maar mogelijk wel met angel. Aan de hand van dergelijke röntgenopnamen zal, in overleg met het archeologisch depot Nijmegen, besloten worden om objecten ofwel te deselecteren, danwel te selecteren voor nader onderzoek en conservering. De geselecteerde ijzeren objecten worden vervolgens ontzout en behandeld met verschillende beschermingslagen. Dit conserveringsproces duurt doorgaans vier tot tien maanden.
Naast de munten en andere ijzeren objecten zijn in totaal ruim 550 loden kogels gereinigd, geconserveerd en beschreven. Zowel voor als tijdens het reinigen zijn verschillende kenmerken geregistreerd, waaronder schietsporen, inslagsporen, gietnaden, gietproppen en andere productiesporen. Ook eventuele beschadigingen zoals wormgaten en braamsporen zijn genoteerd. De diameter en vooral het gewicht van de kogels kunnen aanwijzingen geven voor het type vuurwapen waarvoor ze gebruikt zijn. Door iedere kogel op consistente wijze te beschrijven, ontstaat de mogelijkheid om patronen te herkennen binnen de verschillende varianten en gebruikssporen.

Een verzameling loden kogels, deels met schiet- en deels met gietsporen
Leren fragmenten uit Barendrecht

Schoenzool voor conservering
Bij opgravingen langs een doorgebroken middeleeuwse dijk in de Zuidpolder van Barendrecht zijn verschillende stukken leer geborgen. Het bestaat vooral uit fragmenten van schoenen, waaronder een complete kleine zool van een kinderschoen. Andere fragmenten zijn delen van het bovenleer waarop restanten van sluitingen, stiksels en verstevigingsstukken zichtbaar zijn. De schoenen dateren waarschijnlijk uit de late middeleeuwen.
17 leren stukken worden momenteel geconserveerd. Hoe gaat dit in zijn werk? Eerst wordt het leer goed schoongemaakt, beschreven en gefotografeerd. Waarna het leer met PEG 600 wordt geconserveerd. Dit is een was-achtig middel dat het water in de cellen van het leer vervangt en ervoor zorgt dat het leer niet uitdroogt. Het leer ligt nu te badderen in het (warm) mengsel van PEG 600 en water. Binnenkort worden ze uit hun bad gehaald om te drogen en weer gefotografeerd te worden voor het eind- en conserveringsrapport.
Ander Vestigia nieuws
- Het depotteam heeft op 16 maart j.l. een speciale bijeenkomst rondom deponeren bijgewoond bij de RCE, georganiseerd door Archol en RAAP. Een dag vol kennisdeling, praktische inzichten en goede gesprekken. Dit soort momenten laten mooi zien hoe belangrijk samenwerking binnen het vakgebied is. Wat ons betreft is dit zeker voor herhaling vatbaar.
- Bij het archeologieplatform over de Archeologische onderzoeksagenda (2 april jl. bij de RCE) hebben wij een bijdrage geleverd aan de discussie over een lokaal of regionaal op te stellen onderzoeksagenda. We presenteerde de casus Vlieland in relatie tot de andere Waddeneilanden. Hoe behoud je als gemeente je eigen identiteit door middel van een regionale agenda? En wat zijn de voordelen van een regionale onderzoeksagenda boven een lokale?
- Op 3 juni gaven Alice Neet en Wilfried Hessing tijdens de week van de Archeologie in het Rijksmuseum van Oudheden een drukbezochte lezing. Tijdens deze bijeenkomst in de Tafeh-zaal zijn gingen ze dieper in op de spectaculaire onderwateropgraving van een 4de-eeuwse Romeinse loskade in de Maas bij Cuijk. De resultaten bieden een uniek inkijkje in de Romeinse infrastructuur langs de Maas en laten zien hoe belangrijk de rivier in de Late Oudheid is geweest. We houden jullie natuurlijk op de hoogte over de uitwerking van dit project.
- Vanuit de Karen E. Waugh Foundation worden dit jaar twee projecten gesubsidieerd. Allereerst ondersteunt de KEWF voor het derde achtereenvolgende jaar de Saxionstudenten op hun buitenlandstage naar Vindolanda. Als tweede wordt in het plaatsje Brough on Humber, de geboortegrond van Karen Waugh, een publieksopgraving uitgevoerd naar Romeinse resten in de lokale speeltuin. Twee mooie projecten, we zijn benieuwd naar de resultaten.
Nationale archeologie dagen
Wij doen mee aan de Nationale Archeologiedagen. Backstage bij een archeologisch onderzoeksbureau. Kom kijken naar wat een archeoloog zoal op kantoor uitvoert voor en na het veldwerk! Ben jij benieuwd wat archeologen doen als we niet met een opgraving bezig zijn? Op 19 juni tussen 12.00-16.00 uur op Spoorstraat 5 kan je komen kijken wat Vestigia nog meer doet. Je kan op onze website en op de website van de Nationale Archeologiedagen meer informatie vinden.
Werken bij Vestigia
Word jij binnenkort onze nieuwe collega? Wij hebben op dit moment verschillende vacatures openstaan:
· Ervaren Projectleider (Senior KNA archeoloog);
· KNA Prospector;
· KNA Archeoloog;
· Conserveringsspecialist;
· Ook hebben wij regelmatig stageplekken voor studenten en hebben wij jaarlijks twee instroomplekken voor trainees die kortgeleden (MA) zijn afgestudeerd.
Nieuwsgierig? Check of één van de vacatures bij jou past.